De aanleg van de Nieuwe Waterweg

De positie van de Rotterdamse haven verslechterde door de slechte verbinding met open zee

In het midden van de negentiende eeuw was Rotterdam al een van de grootste havensteden van Nederland. De stad profiteerde van zijn gunstige ligging als overslagpunt voor goederen van en naar Engeland, Frankrijk en het Duitse achterland. Maar de positie van de Rotterdamse haven verslechterde door de slechte verbinding met open zee.

De delta van de Rijn was zo vertakt dat de rivierarmen tamelijk ondiep waren en makkelijk dichtslibden. Ook door de toenemende grootte van de transportschepen werd het steeds moeilijker de Rotterdamse haven te bereiken. In 1863 werd dan ook een wetsvoorstel aangenomen voor de aanleg van een waterweg die geschikt was voor grote zeeschepen.

Dammen aanleggen en graven

De werken voor de aanleg van de Nieuwe Waterweg begonnen op 31 oktober 1863 en werden uitgevoerd onder leiding van waterbouwkundig ingenieur Pieter Caland. In eerste instantie werd begonnen met het onteigenen van boerengronden, om daarna twee evenwijdig aan elkaar liggende dammen op te trekken. Na de aanleg van deze dammen kon men beginnen met graven. De graafwerkzaamheden voor de vaargeul begonnen op 31 oktober 1866 en toen deze waren afgerond konden de dammen die de vaargeul van de zee en de rivier scheidden worden doorgestoken. Op 9 maart 1872 voer het eerste schip, de Richard Young, door de Nieuwe Waterweg.

Kaart van Rozenburg en omgeving uit 1867 (Collectie Streekarchief Voorne-Putten)

Vier kilometer richting Rotterdam

De Nieuwe Waterweg was een kanaal zonder sluizen en met een lengte van ongeveer vier kilometer. Vanaf Vlaardingen, waar de Oude Maas en de Nieuwe Maas samenkomen, loopt de waterweg naar Hoek van Holland. Hier vormt het de kunstmatige monding van de Rijn en de Maas in de Noordzee. Sinds de opening is de Nieuwe Waterweg geregeld uitgediept en geschikt gemaakt voor nóg grotere zeeschepen. In de jaren '70 van de twintigste eeuw is de waterbodem juist verondiept om te voorkomen dat er te veel zout water vanuit de zee kan binnenstromen. Hierdoor bleef de landbouw voldoende zoet water behouden.

In 1997 werd als laatste onderdeel van de Deltawerken in de Nieuwe Waterweg de Maeslantkering in werking gesteld. Twee kolossale beweegbare wanden beschermen Zuid-Holland tegen overstroming.

0 reacties

Plaats een reactie

Verzenden
Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.