Naar overzicht

Migratie: op zoek naar geluk in Delft

Ad van der Zee
— 3 reacties

Historicus Ad van der Zee dook in het verhaal van zijn grootvader, die migreerde van Friesland naar Delft: "Toen Rients van der Zee in 1905 het huisje van zijn ouders aan de zeedijk in Sexbierum verliet om de wijde wereld in te trekken, was dat een zelfde soort gok geweest die al miljoenen mensen vóór hem hadden gewaagd."

Tijdlijn

  • Geboorte Rients van der Zee
    Geboorte Rients van der Zee
  • Broer Eke trekt naar Breukelen (UT)
    Broer Eke trekt naar Breukelen (UT)
  • Rients trekt naar Schagen (NH)
    Rients trekt naar Schagen (NH)
  • Rients komt aan in Delft
    Rients komt aan in Delft
  • Rients opent eigen winkel in Delft
    Rients opent eigen winkel in Delft
  • Rients moet zijn winkel sluiten
    Rients moet zijn winkel sluiten
  • Rients gaat werken bij de gasfabriek in Delft
    Rients gaat werken bij de gasfabriek in Delft
  • Rients komt te overlijden
    Rients komt te overlijden

In onze huidige geglobaliseerde wereld denken we bij ‘migratie’ aan vluchtelingen uit verre landen, uit het Midden-Oosten of Afrika. We zien in onze gedachten de volgepakte opvangcentra, de bootjes over de Middellandse Zee, de ellende. Soms worden ze gelukzoekers genoemd, of arbeidsmigranten. In de tijd van mijn ouders, de jaren 1940 en ’50, dacht men bij ‘emigreren’ aan Nederlanders die opgewekt per schip naar Canada of Australië vertrokken om daar een nieuw leven te beginnen, op zoek naar geluk. Dat waren toen ongehoorde afstanden en velen zagen hun familie nooit weer. De massale emigratie van Europeanen naar Amerika aan het eind van de 19de eeuw was evenzeer een grootschalig verschijnsel. De oma van mijn Amerikaans-Poolse zwager emigreerde rond 1900 als 18-jarig meisje van Krakau via Rotterdam naar New York, wat een enorme onderneming voor haar was.

Maar ook op kleinere schaal, zelfs binnen Nederland, bestond er migratie en die was niet minder ingrijpend voor de betrokkenen. Ze kwamen van een vertrouwde omgeving in een die heel anders was, met andere taal of dialect, met andere gewoonten en omgangsvormen; het was niets minder dan een cultuurshock.

Om iemand aan te zetten om huis en haard te verlaten voor een nieuwe toekomst elders moeten er redenen zijn om weg te gaan. Slechte economische vooruitzichten bijvoorbeeld, mislukte oogsten, dreiging van honger en armoede. Dat heten dan push-factoren. Anderzijds moet het beoogde beloofde land een aantrekkingskracht hebben die daar diametraal tegenover staat: kans op welvaart, een nieuwe toekomst, de belofte van geluk; pull-factoren noemen we die.

Familiegeschiedenis is meer dan eens verbonden met de ‘grote’ wereldgeschiedenis, want voor de opa van ondergetekende, Rients van der Zee (1886-1947), was bovenstaande combinatie van factoren precies aan de hand. Rients groeide op in een familie van kleine ambachtslieden in Friesland. Zijn voorvaders hadden allemaal gewerkt als bouwers van traditionele houten schepen in stadjes als Heeg en Franeker. Aan moederszijde was er sprake van families van smeden, eveneens een bedrijfstak waar best wat geld in omging en waar, net als bij de scheepsbouwers, een zekere welstand was bereikt in de loop van de 19de eeuw. Maar het was kwetsbare welstand die altijd balanceerde op het randje en er hoefde maar weinig te gebeuren – tegenvallende orders, niet betaalde bestellingen – of het was gedaan met de welvaart en de dreiging van armoede lag zodoende altijd op de loer.

Familiegeschiedenis is meer dan eens verbonden met de ‘grote’ wereldgeschiedenis

Landbouwcrisis

In het laatste kwart van de 19de eeuw begon het economisch slecht te gaan in Friesland. Er was geen sprake meer van een tegenvallende conjunctuur, één slecht jaar of twee, maar van een structurele neergang. Die economische teruggang werd veroorzaakt door een toenemende globalisering van de wereldeconomie, ook toen al. Grote hoeveelheden goedkoop graan uit Canada en de Verenigde Staten werden geïmporteerd en de kleine boeren, zoals die in Friesland, konden daar niet tegenop concurreren en de regionale economie implodeerde.

Houten zeilschepen en dan vooral de kleinere vrachtschepen zoals tjalken en aken voor regionaal vervoer van mest en landbouwproducten werden niet meer besteld. Voor grotere zeegaande schepen was nog wel een markt, maar dat vereiste veel investeringen en een moderne bedrijfsvoering die alleen voor grotere bedrijven was weggelegd, niet voor kleine ambachtelijke werfjes met één of twee knechts.

Wie wel mee konden komen met de modernisering waren de grote boeren. Zij wisten juist te profiteren van de wereldmarkt en konden hun verdiensten omzetten in méér grond en moderne landbouwmachines waar minder arbeidskrachten voor nodig waren. Dit speelde niet alleen in Noord-Nederland, maar overal in Europa. De werkgelegenheid op het platteland liep drastisch terug en was mede een van de push-factoren voor de grootschalige emigratiestromen van die periode. Tussen 1880 en 1914 verlieten liefst 20.000 Friezen hun geboorteland, de meesten vertrokken naar de Verenigde Staten en Canada. Deze landbouwcrisis heeft een enorme en blijvende impact gehad op het Friese platteland, ooit een baken van welvaart, toen steeds verder verarmend.

Mijn opa’s vader, Haring van der Zee, had het al een tijdje aan zien komen. Het scheepsbouwbedrijf in Franeker waarvan hij eigenaar en meester-scheepstimmerman was, begon al tijdens zijn jeugd steeds slechter te draaien. Na zijn huwelijk in 1875 kreeg hij bovendien de zorg voor (uiteindelijk) elf kinderen en midden jaren ’80 verkocht hij de werf om in dienst te treden van de provinciale Friese Waterstaat, standplaats Sexbierum.

Dat kunnen we nog geen emigratie noemen, het was slechts een verhuizing naar een dorp tien kilometer verderop. Zijn zoon Rients, mijn opa dus, werd geboren in een dijkhuisje in Sexbierum, ging naar school in Franeker en moet al in zijn jeugd tot de conclusie zijn gekomen dat zijn toekomst niet in Friesland lag. Zijn oudere broer Eke vertrok al rond 1900 om als ambtenaar in dienst te treden van de Utrechtse gemeente Breukelen. Rients had andere, meer zakelijke, interesses en hij verliet rond 1905 zijn dorp om aan de overzijde van de Zuiderzee, in Schagen, in de leer te gaan bij een handel in manufacturen.

Maar dat was voor hem geen eindpunt. Twee jaar later treffen we hem aan in Delft, waar hij een kamer had betrokken bij een hospita aan de Nieuwe Langendijk. Als zijn beroep vermeldt de Burgerlijke Stand ‘winkelbediende’ wat twee jaar later ‘reiziger in manufacturen’ was geworden. Rients maakte carrièrestappen, zoveel is zeker.

Het was de beslissende pull-factor waardoor Rients van der Zee in Delft belandde, op zoek naar geluk.

Maar waarom naar Delft?

Het lijkt misschien wat vergezocht om Delft een boomtown van de late 19de eeuw te noemen, maar de stad was onmiskenbaar aan het veranderen van een wat gezapig provincieplaatsje in een moderne industriestad. De grote motor achter deze impuls was de industrieel Jacques van Marken. Hij was de Stichter van de Gist- en Spiritusfabriek (1869), maar ook van de Nederlandsche Oliefabriek (NOF – 1883), de voorloper van Calvé. In 1885 kwam daar nog eens de Lijm- en Gelatinefabriek bij aan de zuidkant van de stad. Daarnaast runde hij ook een drukkerij en zijn vrouw Agneta een parfumfabriek.

De Van Markens zorgden voor veel werkgelegenheid in Delft en omgeving. De stad moet als een magneet zijn geweest, de bevolking groeide onstuimig en rond de oude binnenstad verrezen nieuwe woonwijken. Van Marken zelf liet zich niet onbetuigd met de bouw van de model-arbeiderswijk die hij naar zijn vrouw ‘Agnetapark’ liet noemen en waar hij ook zelf ging wonen – in een luxe villa midden in de wijk. Zijn activiteiten als sociaal ondernemer leverden hem internationale bekendheid op. De Gist- en Spiritusfabriek vinden we nog altijd op de plek waar Van Marken hem stichtte, maar al sinds jaren onder de vlag van het DSM-concern. In 1913 nam de industriële bedrijvigheid in Delft verder toe met de vestiging, door ondernemer Von Lindern, van de Nederlandse Kabelfabriek (NKF), een bedrijf dat zou uitgroeien tot een wereldspeler op het gebied van elektrische kabels en ondanks tal van overnames en reorganisaties nog altijd bestaat, zij het onder een andere naam.

Een groeiende stad met een op de toekomst gerichte bevolking, dat was toch wel een veelbelovend werkterrein voor een ambitieuze handelaar in manufacturen. Waar we dus de teruggang zagen in Friesland als pushfactor, was de doorzettende modernisering van West-Nederland en dan vooral Delft en omgeving, de beslissende pull-factor waardoor Rients van der Zee in Delft belandde, op zoek naar geluk.

Huwelijksfoto van Rients en Nettie, 1 oktober 1913. De moeder (met Fries kapje) van de bruidegom zit rechts van de bruid.
  • Moeder van de bruidegom
  • Moeder van de bruidegom
Klik mij aan!

Eigen zaak

Al zal de relatieve dynamiek van industriestad Delft wel wennen voor hem zijn geweest, het leven lachte mijn opa toe. Hij had succes met zijn werk in de textielhandel en opende in september 1913 een eigen zaak in ‘manufacturen, gemaakte goederen, garen, band en sajet’ op de hoek van de Oude Delft en de Binnenwatersloot in de binnenstad van Delft.

Hij adverteerde in het Kerkblad van de hervormde gemeente, waar hij lid van was en ook zijn klandizie vermoedde. Enkele weken later trad hij in het huwelijk met Nettie Kerkhof, de dochter van een uit Dordrecht afkomstige houtzaagmolenaar. Zij waren ook nieuwkomers in Delft, maar relatief uit de buurt. Een zus van Nettie was getrouwd met een succesvolle Dordtse zakenman en deze had naar verluidt geïnvesteerd in de manufacturenhandel van zijn kersverse zwager.

Op de huwelijksfoto zien we Rients trots te midden van zijn eigen familie en die van zijn vrouw. Zijn moeder, met een Fries kapje op haar hoofd, laat zien waar zijn en haar familie vandaan kwam. Zou hij trots op die afkomst zijn geweest, of zich er juist een beetje voor hebben geschaamd? Het kan allebei. Feit is dat deze arbeidsmigrant en gelukzoeker helemaal geïntegreerd was geraakt, een gewaardeerd lid van de Delftse middenklasse was geworden en dat vol overtuiging liet zien aan zijn ouders en overige familie. Wat kon hem nog gebeuren?

Advertentie van de winkel in manufacturen, Kerkblad Hervormde Gemeente Delft, september 1913.

Slagen en falen

De zaken gingen uitstekend de eerste jaren, er werd verhuisd naar een groter pand met winkel ietsje verder aan de gracht, op de hoek met de Oude Kerkstraat. Klanten kwamen uit de hele stad en ook van buiten, uit het Westland. Behalve de kinderen die mijn grootouders kregen kwamen er ook winkelbedienden en dienstmeisjes. Een jongere zus van mijn opa verhuisde zelfs vanuit Friesland naar Delft om mee te helpen, wellicht met het oog op een eigen nieuwe toekomst?

Mijn opa raakte gearriveerd, maar in 1925 kwam de zaak tot stilstand. De klanten bleven weg, door veranderende vraag of mode, dat is onduidelijk. De eens zo succesvolle manufacturenhandelaar ging failliet, het mooie pand werd verlaten, de zus ging terug naar Friesland en het gezin moest zelfs enige tijd leven van de diaconie van de hervormde gemeente.

De toekomst die mijn opa voor ogen had gehad brak voor zijn ogen af en oordelend naar de verhalen die ik over hem heb gehoord werd hij daar geen aardiger persoon door. Jaren van werkloosheid volgden totdat hij in 1932 in dienst kon treden van de gemeentelijke gasfabriek. Als portier, het was een nederig baantje, en mocht hij de droom hebben behouden om ooit zijn zaak weer op te bouwen, dan was die nu toch echt wel vervlogen.

Zo kon het dus gaan. De laatste jaren van zijn leven werd hij steeds somberder en barser. Tegenwoordig zou hij wellicht de diagnose ‘depressie’ hebben gekregen. Ooit had hij Friesland verlaten voor de kans op een nieuwe toekomst, maar hij eindigde ontevreden en enigszins mislukt op een Delftse bovenwoning aan de C. Fockstraat. Dat zijn kinderen (en kleinkinderen) later toch best goed terecht zouden komen kon hij niet weten toen hij in 1947 al op 60-jarige leeftijd overleed aan een hartstilstand, lang vóór mijn geboorte.

Toen Rients van der Zee in 1905 het huisje van zijn ouders aan de zeedijk in Sexbierum verliet om de wijde wereld in te trekken, was dat een zelfde soort gok geweest die al miljoenen mensen vóór hem hadden gewaagd. Ook miljoenen na hem verlieten sindsdien hun vertrouwde omgeving op zoek naar geluk elders in de wereld. Migratie kent vele vormen, waarbij sommigen slagen en anderen falen. Maar hun verhalen zijn altijd de moeite waard om te onthouden en door te vertellen, of het nu gaat om migratie op wereldschaal of om een kleinere afstand, van Friesland naar Delft bijvoorbeeld.

Over de auteur

Ad van der Zee is senior adviseur geschiedenis bij Erfgoedhuis Zuid-Holland, met speciale belangstelling voor de late middeleeuwen en voor maritiem erfgoed.

3 reacties

Arie Eijgenraam 12 januari 2023

Mooi verhaal, maar zo erg was het toch niet om in de C. Fockstraat te wonen?

Ad van der Zee 02 februari 2023

Naschrift: inmiddels is duidelijk geworden waarom hij in 1925 failliet ging. In de vroege jaren '20 kwamen de warenhuizen. Zij konden confectie en manufacturen leveren voor een lagere prijs en bovendien sneller reageren op veranderende vraag. Kleine winkeltjes zoals die van mijn opa waren daar niet tegen opgewassen. Schaalvergroting (in de landbouw) had hem uit Friesland verdreven en hem 20 jaar later alsnog, maar dan anders, te pakken gekregen.

Ron Brand 04 februari 2023

Wat een boeiend verhaal Ad! Dat wist ik niet. Ik ben benieuwd van welke bronnen je gebruik hebt gemaakt voor je verhaal? Familiegegevens of ook uit archieven?

Plaats een reactie

Verzenden

Heb jij een verhaal over de Zuid-Hollandse geschiedenis?

Welk verhaal mag volgens jou niet ontbreken op deze website? Deel je verhaal of tip met de redactie! Lees de voorwaarden en tips voor het schrijven van een verhaal.

Ontvang de laatste verhalen in je mailbox

Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe publicaties? Abonneer je dan op onze nieuwsbrief!

Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.

Deze website maakt gebruik van geanonimiseerde cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren en voor de analyse van onze website. Deze cookies kun je niet uitzetten. Bij het tonen en afspelen van YouTube video's worden cookies van derden geplaatst. Deze cookies van derden kun je wel uitzetten. Klik op "Akkoord" als je akkoord gaat met dit gebruik van cookies, klik op "Aanpassen" voor meer informatie en om zelf te bepalen welke cookies deze website plaatst.