Ontdek de verhalen van Zuid-Holland

De Rotterdamsche Tramweg Maatschappij

Iedereen van ca. 50 jaar of ouder zal zich ongetwijfeld het trammetje oftewel het "moordenaartje" herinneren dat o.a. van Rotterdam naar Oostvoorne en Hellevoetsluis reed. Onderstaand leest u het een en ander over de geschiedenis van de R.T.M.

De Rotterdamsche Tramweg Maatschappij of kortweg de R.T.M. werd opgericht in 1878 met het doel tramlijnen in en buiten Rotterdam aan te leggen en te exploiteren. In 1879 werd de paardentramlijn tussen het Beursplein en Crooswijk geopend en een jaar later bezat de maatschappij al zes lijnen. De eerste stoomtramlijn was die van Rotterdam naar Delfshaven in 1881 en een jaar later naar Schiedam. Het streven om ook stoomtramdiensten naar de Zuidhollandse en Zeeuwse eilanden te stichten, kreeg in 1898 gestalte toen de tramlijn van Rotterdam-Zuid (Rosestraat) naar de Hoekse Waard in gebruik werd gesteld. In 1904 opende de R.T.M. met de lijn Rosestraat-Spijkenisse de dienst op West-IJsselmonde, dus Rhoon, Poortugaal, Hoogvliet en Spijkenisse. (Foto: het tramstation in Poortugaal)

Een jaar later naar Hellevoetsluis en in 1906 naar Oostvoorne. Vooral deze laatste lijn was belangrijk voor de vele badgasten die 's zomers in groten getale uit Rotterdam en omstreken naar het strand trokken. Vanuit Oostvoorne-dorp ging de tramlijn zelfs nog verder tot aan het strand. Heel veel inwoners van Rhoon, Poortugaal en Hoogvliet maakten daar 's zomers gebruik van en ook heel veel schoolklassen profiteerden daarvan, want vakantie vieren op de Veluwe, Limburg of Brabant was er nog niet bij in die tijd, laat staan in het buitenland. Wie is er destijds niet met zo'n reisje mee geweest! De tram gaf de mogelijkheid om voor die tijd redelijk snel te reizen en goederen te vervoeren en verloste het gebied buiten Rotterdam uit een isolement.

Zelfs tuinders in Poortugaal brachten zo in de jaren '30 met een kruiwagen hun producten, zoals groente, aardbeien, aalbessen, etc. naar het station om vandaar naar de groentemarkt in Rotterdam te gaan. Ook koeien en paarden werden door de R.T.M. vervoerd en vonden zo hun weg naar de veemarkt in Rotterdam. Veel schoolkinderen moesten in de jaren '40-'45 noodgedwongen ook met het "trammetje" vanwege het gebrek aan fietsbanden.

De maatschappelijke vooruitgang eiste in de loop van de tijd echter ook zijn tol: Overal langs de lijnen veroorzaakte de tram veel verkeersslachtoffers, vandaar dat hij al spoedig de "moordenaar" genoemd werd. In de loop van de jaren dertig werden ook tal van R.T.M.-autobusdiensten in gebruik genomen en dat betekende ook min of meer de ondergang van de stoomtram. Op 6 november 1965 was het zover dat de allerlaatste tram naar Hellevoetsluis reed.

Maar wie ooit met het "trammetje" heeft gereisd, voelt toch een bepaalde nostalgie naar weleer. Dat was waarschijnlijk destijds ook het geval bij de Poortugaalse mevrouw A.G. van Dieyen-van Gemerden, alom bekend om haar leuke gedichten. Zij dichtte op 18 november 1965 via "De Botlek" als volgt:

"Het trammetje.
Vaarwel m'n oud lief trammetje,
'k Zie je met weemoed gaan.
Ruim 60 jaar was j'ons ten dienst,
Nu heb je afgedaan.

In 't raam van de moderne tijd,
Word jij niet meer geduld,
Maar al die jaren heb je toch,
Zo trouw je taak vervuld.

Hoe moet het in 't hoogseizoen,
bij sneeuw en ijs toch gaan?
De moeder met het kleine kind?
Waar moet de wagen staan?

En bij de kou die er thans heerst:
We moeten met de bus,
Als haringen opeengepakt.
Wie wijst er aan een plus!

Terwijl ik schrijf ga je voorbij.
Ik heb je nagestaard,
Jij hoort in onze polders thuis.
Waarom jou niet gespaard?

Wat zin heeft toch dat snelverkeer,
Het gaat nooit "hard" genoeg,
't Verdrijft de landelijke rust.
Geef mij mijn trouwe "Zug".

Vaarwel m'n ouwe trammetje,
'k Zag U met weemoed aan.
Ik groet en wens al 't personeel,
Dat het U goed mag gaan.

Dit artitel is eerder gepubliceerd in de Nieuwsbrief van de Stichting Oudheidkamer Rhoon en Poortugaal

Reacties

  1. george

    weet u wie de oprichters c.q. eerste bestuurders waren

    06 maart 2012

  2. Redactie

    Beste George, Het waren de heren W.D. van Mourik Dzn uit Drumpt en K.B.J. de Bruyn uit Tiel die op 15 augustus 1878 een concessie wisten te bemachtigen bij de openbare aanbesteding voor de aanleg van tramlijnen op de Rechter Maasoever te Rotterdam. Deze concessie werd op 12 november 1878 ingebracht bij de oprichting van de RTM als NV. (Met dank aan Mark Grootendorst, conservator Museum RTM Ouddorp)

    08 maart 2012

Plaats reactie

Om spam te voorkomen, stellen wij u een eenvoudige vraag. Vult u alstublieft het antwoord hieronder in.