Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies om filmpjes van YouTube te tonen en social mediaknoppen van Facebook, Twitter en Pinterest (third party cookies). Als je deze cookies niet wil, dan kun je dat hier aangeven. De betreffende functionaliteit wordt dan uitgeschakeld. Wij plaatsen zelf wel altijd functionele cookies voor de werking van onze website en (anonieme) analytische cookies om onze site te verbeteren.

Ontdek de verhalen van Zuid-Holland

Lightrail, RijnGouwelijn en OV-scooter - het openbaar vervoer in Zuid-Holland nu en straks

Bus, tram, metro en trein zijn op alle fronten in beweging

Bus, tram, metro en trein zijn op alle fronten in beweging. Nieuwe lijnen, snellere verbindingen, alternatieve vormen van vervoer: overheden en maatschappijen halen alles uit de kast om de forens uit de auto te lokken. Wil het openbaar vervoer werkelijk aantrekkelijk zijn, dan moet het zo veel mogelijk reizigers comfortabel van deur naar deur brengen, zo snel en zo goedkoop als het maar kan.    

Om die voorwaarden te scheppen kiezen de Provincie Zuid-Holland en een aantal grote gemeenten onder meer voor lightrail – een vervoermiddel dat het midden houdt tussen tram en trein. Na het succes van RandstadRail (de nieuwe lightrailverbinding tussen Rotterdam, Den Haag en Zoetermeer) worden er nu studies gedaan naar uitbreiding van het net in Haaglanden. De Provincie Zuid-Holland wenste aanvankelijk zo’n zelfde lightrailverbinding tussen Gouda, Leiden en Katwijk en Noordwijk: de RijnGouwelijn. Gemeenten en actiegroepen liepen tegen dit plan te hoop. Vooral het traject door de binnenstad van Leiden stuitte op veel verzet. Inmiddels zijn de plannen in belangrijke mate herzien. Het is nu de bedoeling dat het stuk tussen Gouda en Leiden wordt gevormd door de bestaande spoorweg. Het deel naar Katwijk en Noordwijk wil de Provincie Zuid-Holland uitvoeren als een busbaan, met de mogelijkheid die later nog tot een tramlijn om te vormen. De besluitvorming hierover is nog niet afgerond.

Om reizigers comfortabel van deur naar deur – of in elk geval van deur naar station – te kunnen vervoeren, stimuleert en ondersteunt de Provincie ‘vervoer op maat’. Zo bieden de Rijnstreekhopper, de Groeneharthopper en de Molenhopper bewoners die ver van buslijnen af wonen of die vanwege lichamelijke beperkingen moeilijk uit de voeten kunnen, de mogelijkheid om toch te reizen. Deze regiotaxi's komen op afspraak langs, reizigers moeten ritten wel delen.

De Provincie stimuleert ook nieuwe vormen van vervoer over water. Om de overvolle wegen in en om Rotterdam te mijden, kunnen reizigers sinds 1999 de Waterbus nemen. Dit snelle veer vaart een halfuursdienst tussen Rotterdam Willemshaven, Ridderkerk, Zwijndrecht en Dordrecht. Na een uitgebreide testfase heeft de Provincie in 2010 een vergunning voor 12 jaar afgegeven.

De treintaxi was in de jaren ’90 van de vorige eeuw één van de manieren om het OV-netwerk verder te verdichten. Op veel plaatsen hebben de treintaxi’s alweer plaats gemaakt voor nieuwe vormen van collectief vraagafhankelijk vervoer. De provincie exploiteert in enkele gemeenten echter nog steeds een treintaxidienst.

Een andere methode om de laatste kilometers van trein- of metrostation naar de bestemming af te leggen, is de OV-fiets. Dit is een huurfiets waarbij de afhandeling vrijwel volledig is geautomatiseerd, zodat de reiziger er snel mee op pad kan. De OV-fiets – volgens de definitie eigenlijk geen openbaar vervoer, maar vooruit – groeit snel in populariteit. In 2004 waren er 10.000 gebruikers die er 100.000 ritten op maakten. In 2010 was dat toegenomen tot 85.000 abonnees en 850.000 ritten. Op onder meer Den Haag Centraal en Rotterdam Centraal loopt sinds 2011 een proef met een elektrische fiets. Op die twee stations en in Leiden (P&R Haagweg) zijn ook elektrische OV-scooters te huur.

Om de kosten voor het openbaar vervoer laag te houden, moeten overheden de exploitatie van bus-, tram- en treinlijnen sinds 2001 openbaar aanbesteden. Dat heeft er toe geleid dat in veel steden en dorpen tot dan toe onbekende vervoersmaatschappijen in het straatbeeld zijn verschenen. De aanbestedingen leiden ook tot onrust. De angst bestaat dat veel lijnen op het platteland gaan verdwijnen. In Rotterdam en Den Haag – waar de aanbesteding nog moet plaats hebben – hebben RET- en HTM-personeel in 2011 gestaakt. Zij vreesden een kaalslag. In 2012 is besloten dat de grote steden zelf verantwoordelijk zijn voor de beslissing om hun openbaar vervoer al dan niet aan te besteden.

Er op uit
Zelf de geschiedenis van het openbaar vervoer in Zuid-Holland ontdekken? Laat je inspireren door onze er-op-uit tips!

Links

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Plaats reactie

Om spam te voorkomen, stellen wij u een eenvoudige vraag. Vult u alstublieft het antwoord hieronder in.