Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies om filmpjes van YouTube te tonen en social mediaknoppen van Facebook, Twitter en Pinterest (third party cookies). Als je deze cookies niet wil, dan kun je dat hier aangeven. De betreffende functionaliteit wordt dan uitgeschakeld. Wij plaatsen zelf wel altijd functionele cookies voor de werking van onze website en (anonieme) analytische cookies om onze site te verbeteren.

Ontdek de verhalen van Zuid-Holland

Leven op de buitenplaats

Op buitenplaatsen stonden naast het woonverblijf meestal ook één of meer boerderijen en dienstgebouwen. Om in de zomer dranken koel te kunnen houden werden ijskelders gebouwd, waarin brokken ijs soms jarenlang bevroren bleven. Verder waren er vaak luxe voorzieningen als theekoepels, hertenkampen, volières met pauwen en fazanten, en vijvers met karpers en forellen.

Op buitenplaatsen stonden naast het woonverblijf meestal ook één of meer boerderijen en dienstgebouwen. Om in de zomer dranken koel te kunnen houden werden ijskelders gebouwd, waarin brokken ijs soms jarenlang bevroren bleven. Verder waren er vaak luxe voorzieningen als theekoepels, hertenkampen, volières met pauwen en fazanten, en vijvers met karpers en forellen.    

Bijzondere tuinen en parken
Soms was er een ‘oranjerie’ - een soort kas met citrusbomen en palmen. Bijzondere plantensoorten werden van over de hele wereld aangevoerd en veel buitenplaats-bezitters legden daarvan collecties aan, die veel bezoekers trokken. Van tuinen werd veel werk gemaakt. In de 17e eeuw waren classicistische tuinen, met geometrische vormen, stelsels van lanen en zichtassen populair. In de 18e eeuw kwam de Engelse landschapsstijl in de mode. Die hadden met kronkelende paden, golvende bosranden en beekjes een heel ander aanzien. Voor een extra pittoreske en romantische uitstraling werden soms namaakruïnes en tempeltjes aangelegd.

Stinzenplanten
Van de destijds aangelegde parken in landschapsstijl zijn vooral stukken bos bewaard gebleven en ook wel bepaalde padenpatronen en waterpartijen. Ook zijn er overblijfselen in de vorm van ‘stinzenplanten’ te vinden, die ooit zijn aangeplant en in de loop van de tijd zijn verwilderd. Het gaat hier bijvoorbeeld om wilde hyacinten, aronskelken of sneeuwklokjes. Uitheemse bomen als platanen, sequoia’s of ginkgo’s zijn ook vaak overblijfselen van ooit indrukwekkende oude tuinen.

Zomerseizoen
Buitenhuizen werden voornamelijk in het zomerseizoen bewoond. ‘s Winters waren de wegen vaak onbegaanbaar en bovendien waren de huizen er niet op gebouwd om er bij koude temperaturen in te verblijven. In het voorjaar lieten de stadsbewoners hun huisraad weer overbrengen. Regenten hadden vrij in de zomer en kooplieden reisden soms dagelijks op en neer. De bewoners hielden zich vooral bezig met ontspannende zaken als tuinieren of het bezoeken van vrienden en familie op naburige buitenplaatsen.

Eind september vertrokken de vrouwen en kinderen vaak weer naar de stad. Mannen bleven vaak nog terugkomen tot eind oktober - om te jagen, bijvoorbeeld op vinken die als een delicatesse golden en waarvan er soms duizenden per seizoen werden gevangen. Op speciale vinkenbanen probeerde men ze met lokvogels te lokken, waarna ze in netten werden gevangen.

Volgende verhaal: Het verdwijnen van de buitenplaatsen
Terug naar de introductie Landgoederen en buitenplaatsen

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Plaats reactie

Om spam te voorkomen, stellen wij u een eenvoudige vraag. Vult u alstublieft het antwoord hieronder in.