Ontdek de verhalen van Zuid-Holland

Het loopt als een rode draad door je leven heen

Machiel Cornelis (Chiel) de Ridder vertrok in november 1947 als dienstplichtig militair naar Nederlands Indië. Hij was 20 jaar, zijn dochter Joke 4 weken. Op 6 april 1949 sneuvelde hij als soldaat eerste klasse te Panjakalan op Sumatra. Hij was toen bijna 22 jaar oud. Pas enkele jaren geleden heeft mevrouw Bek –van Winden (1928) van een mede-soldaat gehoord wat er precies gebeurd is.    

Samen met haar dochter heeft zij in Indonesië het graf van haar man bezocht. Dat is een heel belangrijk moment in haar leven geweest. Het doet haar goed dat er in Nieuwerkerk aan den IJssel een monument is voor de mensen die in Nederlands-Indië zijn omgekomen. Ieder jaar in augustus is zij aanwezig bij de herdenking bij het monument.

We wisten niet hoe lang hij weg zou blijven
"Onze dochter Joke was vier weken oud, toen mijn man vertrok. Chiel heeft haar dus nog wel gezien. Wanneer je nog maar kort getrouwd was en net vader geworden vormde dat helaas geen reden om thuis te mogen blijven. Ik dacht wel eens: had je maar platvoeten, dan was je afgekeurd! Maar hij had niets en moest opkomen. We hadden samen alleen nog tien dagen inschepingsverlof en dat was het dan. Op 28 november 1947 is hij vertrokken. We kregen niet te horen hoe lang het zou gaan duren maar hielden rekening met ongeveer jaar. Elke dag schreven we elkaar."

Na 18 maanden is gesneuveld
"Op 6 april 1949, ’s avonds om een uur of half acht zat ik net een brief aan Chiel te schrijven toen er twee mensen van de kerk langs kwamen. Zij zeiden: “Uw man is gewond”. Ik zei gelijk: 'O, komt hij dan met de Grote Beer mee naar huis?' (Het schip De Grote Beer bracht alle gewonden terug) Toen keken ze me aan en zeiden: 'Hij komt niet meer terug'. Ik kon het geen plaats geven, op dat moment wist ik het niet meer. Chiel en ik hadden het samen wel over gewond raken en sneuvelen gehad, maar dan denk je nog: 'Dat overkomt mij niet'."

Van weinig geld rondkomen
"Ik kreeg een nabestaandenpensioen van achttien gulden per week. Elke week kon je dat ophalen in het gemeentehuis. Daar had ik een hekel aan, want dan moest ik door een luik mijn hand ophouden. Als ik naar mijn schoonouders ging (om de zes à zeven weken ging ik daar veertien dagen naar toe) vroeg ik of mijn vader het geld wilde halen. Dan zorgde ik ervoor dat ik ’s zaterdags pas thuis kwam, zodat ik drie keer niet zelf het geld hoefde te halen. Zo erg vond ik het. Intussen was ik een paar ochtenden in de week gaan werken terwijl mijn moeder op Joke paste. Ik woonde weer bij mijn ouders. Op een dag kwam er een soort maatschappelijk werker van defensie langs die vroeg of ik rond kon komen."

"In die tijd gaf ik eigenlijk nergens om en ik antwoordde: 'Oh ja hoor'. Maar mijn vader zei: 'Dat is niet waar, want Joke is al drie jaar oud en slaapt vanaf haar geboorte nog steeds in hetzelfde kinderbedje.' Toen kreeg ik 500 gulden om een heel meublement voor haar te kopen. Ik heb er nog steeds een tafeltje van. Wat was nu het geval? In Indië was op de soldij van mijn man altijd een klein bedrag ingehouden voor een soort fonds. Die man zei dat ik net zo goed recht had op een bedrag uit die pot."

In het begin stopte ik het weg
"Ik heb brieven gekregen van zijn meerderen. Ze schreven dat hij als getrouwd man en vader natuurlijk zorgen had over de gevaren in Indië maar dat hij de vrolijkste van de troep was. Hij speelde trommel op de tafel, maakte muziek met twee lepels en wanneer zijn maten in de put zaten zei hij: 'Jongens, kom op'. Die brieven las ik en legde ze daarna weg. Ik kreeg ook een brief van de koningin. Vooral in die eerste jaren wilde ik er niets mee te maken hebben. Ik stopte ze maar in een doos samen met de brieven van Chiel. Maar als je ouder wordt, dan grijp je er toch weer op terug. Die brieven bewaarde ik in een margarinedoos voor later, voor Joke. Toen ik kleiner ging wonen vroeg ik aan Joke 'Wat zullen we ermee doen?' waarop zij vroeg 'Mag ik ze hebben?' Na zes jaar ben ik weer getrouwd, maar je blijft toch altijd aan het verlies denken. Met mijn tweede man kon ik er goed over praten. Vooral op die verschrikkelijke zesde april of op Chiels verjaardag (30 mei). Als dat niet mogelijk was geweest was ik niet hertrouwd."

Na 40 jaar naar zijn graf
"Op 7 april 1949 kwam de definitieve boodschap dat hij gesneuveld was. Vanwege het tropische klimaat was hij ‘s ochtends direct al begraven in Solok op Sumatra. Daar heb ik later foto’s van gekregen. Daarna is hij herbegraven in Padang, de plaats waar hij op Sumatra gelegerd was en uiteindelijk kreeg hij zijn laatste rustplaats op het ereveld Leuwigajah bij Bandung (op Java)."

Van de Oorlogsgravenstichting, waar ik lid van ben, ontving ik een uitnodiging voor een reis naar Leuwigajah. Mijn schoonouders wilden het graf niet bezoeken. Ik wel, maar niet in mijn eentje. Mijn man en schoonzoon vonden dat Joke en ik samen moesten gaan. Het was gewoon grandioos. Het ereveld wordt heel goed onderhouden en de kruisen worden regelmatig met een doek afgedaan. Joke en ik hebben een krans bij het graf van Chiel gelegd. Daarnaast kregen we allemaal oranje gladiolen. Die mocht je dan bij een ander graf leggen. Mijn dochter zag in het namenregister dat er nog een Nieuwerkerker lag. Dat was Piet de Jong, die op 30 november 1946 in Medan (Sumatra) was gesneuveld. Daar hebben we toen allebei een bloem neergelegd. Drie dagen later zijn we nog een keer gegaan; nu om afscheid te nemen. Die reis heeft mijn leven veranderd. Ik had zijn graf gezien! We hadden erbij gestaan!"

Reünie
"Er zijn ook reünies van oud soldaten. Ik kreeg daar wel uitnodigingen voor maar durfde er nooit zo goed alleen naartoe te gaan. Twee jaar geleden ben ik samen met Joke voor het eerst naar zo’n reünie gegaan. Dat was in Tilburg en ik had een speciale reden om met Joke naar Tilburg te gaan. Op de dag dat Joke geboren werd, moest mijn man parade lopen in Tilburg. Ze hadden Joke daar toen ‘ons paradekindje’ genoemd. Toen we aankwamen werd er geroepen: 'Dat is nu die mevrouw met haar dochter'. Pas op die reünie heb ik gehoord hoe Chiel gesneuveld is. Ik heb een man gesproken die erbij was en daar ook zelf door zijn knie is geschoten. Ze hadden patrouille moeten lopen en werden weer opgehaald met een legertruck. De chauffeur zei: 'Jongens, ga maar achterin zitten want er is helemaal niets te doen onderweg, het wordt een rustig ritje'. Maar toen ze wegreden werden ze van uit een hinderlaag beschoten. Mijn man werd in zijn buik getroffen en de soldaat naast hem in zijn knie. Die soldaat lag naast hem in het ziekenhuis toen hij Chiel tegen de dokter hoorde zeggen: 'U maakt me toch wel beter, want ik wil naar huis'. Dat waren zijn laatste woorden; gelijk daarna was hij weg."

Monument
Joke heeft samen met burgemeester Bonthuis op 31 oktober 1998 het monument in Nieuwerkerk aan den IJssel onthuld. Ik ga ieder jaar in augustus naar de herdenking samen met mijn dochter en kleinzoon. Er komen elk jaar minder mensen maar mijn kleinzoon heeft gezegd 'Als U er niet meer bent, zal ik naar het monument gaan'."

Links

Reacties

  1. bram

    wBen zelf ook naar Indie vertrokken nov. 1947 dus dezelfde tijd maar mijn vraag is welk onderdeel was hij Groet

    17 mei 2011

  2. Johan Knoester

    Beste Bram, Ten tijde van het vertrek uit Nederland naar Ned.Indië was Machiel de Ridder gelegerd in Arnhem Het legeronderdeel was: Prinses Irenebrigade. Mocht u nog meer informatie willen dan zal mevrouw Bek in de bewaarstukken van haar man verder zoeken. met vriendelijke groet Johan Knoester

    26 mei 2011

  3. Redactie

    Nog een aanvulling: Hij behoorde tot de lichting 1947. Hij was ingedeeld bij de Prinses Irenebrigade, 3/5 Bateljon, U-brigade, GRP Midden-Sumatra. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mijn collega Johan Knoester, knoester@erfgoedhuis-zh.nl

    26 mei 2011

  4. anoniem

    Ik weet niet of dit bericht nog aankomt, maar mijn vader was ook met de Prinses Irenebrigade op Sumatra. Hij leeft niet meer, maar in zijn fotoalbums zitten een aantal foto's van graven van de gesneuvelden. Ik las toevallig uw verhaal, en heb meteen gekeken of er ook een foto van het graf van uw man of vader bij was. Dat is inderdaad het geval. Mocht u, of uw dochter de foto graag hebben dan zorg ik daarvoor. jan.de.jager@gmail.com

    28 februari 2017

  5. Redactie

    @Jan de Jager Wat een lief aanbod! Dit interview is al enige tijd geleden afgenomen, maar ik ga kijken of we haar - mogelijk via de historische vereniging Nieuwerkerk - kunnen attenderen op uw aanbod.

    01 maart 2017

  6. Redactie

    @Jan de Jager Het lijkt erop dat dit e-mailadres niet helemaal klopt. Kunt u ons een berichtje sturen via redactie@geschiedenisvanzuidholland.nl?

    01 maart 2017

Plaats reactie

Om spam te voorkomen, stellen wij u een eenvoudige vraag. Vult u alstublieft het antwoord hieronder in.