Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies om filmpjes van YouTube te tonen en social mediaknoppen van Facebook, Twitter en Pinterest (third party cookies). Als je deze cookies niet wil, dan kun je dat hier aangeven. De betreffende functionaliteit wordt dan uitgeschakeld. Wij plaatsen zelf wel altijd functionele cookies voor de werking van onze website en (anonieme) analytische cookies om onze site te verbeteren.

Ontdek de verhalen van Zuid-Holland

Graven en kastelen in de vroege middeleeuwen

In de vierde eeuw verdween het Romeinse gezag uit wat nu Zuid-Holland is. Germaanse Friezen en Franken namen hun plaats in. De Friezen leefden tussen het Zwin en de Vlie en tussen de zee en Utrecht. Het tegenwoordige Zuid-Holland lag dus midden in hun gebied, Frisia.

In de vierde eeuw verdween het Romeinse gezag uit wat nu Zuid-Holland is. Germaanse Friezen en Franken namen hun plaats in. De Friezen leefden tussen het Zwin en de Vlie en tussen de zee en Utrecht. Het tegenwoordige Zuid-Holland lag dus midden in hun gebied, Frisia. De Franken, die in het huidige Zuid-Nederland, België en Frankrijk een groot rijk hadden gesticht, probeerden ook Frisia in te lijven. Pas met de dood van de Friese koning Radbod in 719 slaagden zij daar in. Sindsdien maakte Zuid-Holland deel uit van het Frankische rijk, en na 870 het Heilige Roomse Rijk (Duitse Rijk).

In 810 kregen de Nederlandse kusten voor het eerst te maken met invallen van Vikingen. Zij plunderden onder meer de handelsplaats Witla, op de zuidoever van de Maas, in 836. Na 850 was de Deense Viking Rorik zelfs in het bezit van het grootste deel van Frisia. Na de dood van Rorik in 880 en de moord op zijn opvolger Godfried in 885 kreeg de Friese graaf Gerulf in 889 van de Duitse keizer het bezit over een aantal gebieden in het westelijk kustgebied (onder andere het Rijnland).

Graven en kastelen
De opvolgers van Gerulf gingen zich in de elfde eeuw ‘graaf van Holland’ noemen. Dat zij een zekere macht bezaten, bleek wel toen Dirk III in 1018 zonder toestemming bij Vlaardingen tol ging heffen langs de Maas en vervolgens een keizerlijke strafexpeditie versloeg. Om hun macht beter uit te kunnen oefenen bouwden de graven een aantal kastelen in Zuid-Holland, vanwaar bewapende mannen onder andere de belangrijke waterwegen in de gaten konden houden. De burcht van Leiden is hier een voorbeeld van. De ridders (vazallen) die de graaf in dienst had, kregen vaak een stuk grond in ruil voor hun diensten. Daarop bouwden zij vaak weer hun eigen kastelen met daarbij bewapende volgelingen.

Links

Reacties

  1. anoniem

    wie is de maker, deskundige van dit artikkel en wilt u er meer informatie over geven??

    01 maart 2018

  2. Redactie

    Wat is uw vraag precies?

    05 maart 2018

Plaats reactie

Om spam te voorkomen, stellen wij u een eenvoudige vraag. Vult u alstublieft het antwoord hieronder in.